Homepagina > Bibliotheek > Stereo microfoon technieken

Stereo microfoon technieken

dinsdag 8 november 2011, door wim

Stereo is veel ouder dan de meeste mensen vermoeden: reeds in 1881 gebruikte Clément Ader in Parijs een tweekanaals systeem om de Opera in een andere ruimte (een tentoonstelling die electriciteit promootte) te laten horen via hoofdtelefoons.

Er zijn een groot aantal technieken om een natuurlijk stereo beeld op te bouwen en er zijn een even groot aantal die een minder natuurlijk, maar even bruikbaar stereo beeld opleveren. Bij klassieke muziek opnames wordt vaker de voorkeur gegeven aan de pure stereo technieken. Bij stereo film- en TV opnames wordt vaak de voorkeur gegeven aan MS, omdat deze techniek als enige 100% mono compatibel is van nature. Nadeel van MS is wel dat er nabewerking in de vorm van een matrix nodig is.

Voor de meeste technieken is een gelijk paar erg belangrijk. Vandaar dat in de handel "matched pairs" aangeboden worden. In het beste geval zijn dat twee microfoons die men uitgemeten heeft en dan met een zo dicht mogelijk bij mekaar liggende karakteristiek gepaard heeft. Vaak zijn het gewoon twee achter mekaar geproduceerde mics. Staar je er dus niet blind op.

Naast de hoofdmics in stereo worden vaak nog spotmics toegevoegd, bv. voor solisten en ruimte mics om de sfeer van de ruimte en het publiek op te nemen. Het spreekt vanzelf dat deze op aparte sporen opgenomen worden, zodat later in de mix de balans kan bepaald worden.

Tijd gebaseerde Stereo technieken

Hierbij wordt het stereo effect bepaald door looptijd verschillen. Deze opname methode biedt een goede plaatsing van de instrumenten in de ruimte, maar heeft dus ook een goede ruimte nodig.

AB

Gebruikte microfoons: 2 maal cardioid.

AB is één van de oervormen van stereo, maar wordt vandaag minder toegepast dan bv. ORTF of NOS.

Bij AB-stereo wordt opgenomen met twee evenwijdig opgestelde microfoons op 50 cm afstand van elkaar. De signalen worden 100% links-rechts uit elkaar gepand. Door de verschillende afstand ontstaat er een tijdsverschil, waardoor het stereobeeld ontstaat.

AB stereo

DIN

Het DIN systeem is één van de oudste genormeerde stereo technieken. Varianten ervan zijn: NOS, ORTF, RAI, EBS en het Olson Stereo-180 systeem.

Gebruikte microfoons: 2 maal cardioid.

DIN-stereo werkt met twee microfoons in een hoek van 90°, met de capsules precies 20 cm uit elkaar.

NOS

Gebruikte microfoons: 2 maal cardioid.

NOS-stereo werkt met twee microfoons in een hoek van 90°, met de capsules precies 30 cm uit elkaar.

NOS stereo {GIF}

ORTF

Gebruikte microfoons: 2 maal cardioid.

ORTF-stereo werkt met twee mics in een hoek van 110°, met de capsules precies 17 cm uit elkaar. Het is vandaag één van de meest gebruikte technieken bij opname van klassieke muziek.

ORTF stereo {JPEG}

RAI

Gebruikte microfoons: 2 maal cardioid.

Een variant met de micro’s 21 cm uit elkaar en een hoek van 100 graden.

EBS

Gebruikte microfoons: 2 maal cardioid.

De EBS variant werd ontwikkeld door de Koreaanse schoolradio (Educational Broadcasting System). Hij gebruikt ook een hoek van 90 graden en laat een afstand van 25 cm tussen de twee microfoons.

Olson Stereo-180

Gebruikte microfoons: 2 maal super cardioid.

Deze variant werd ontwikkeld door een zekere Olson. Hij gebruikt een hoek van 135 graden, maar laat een afstand van 5 cm tussen de twee microfoons. Omdat er echter geen standaard super cardioid is, is de werking hiervan eerder wisselend, naar gelang de gebruikte microfoons.

OSS, Jecklinschijf

Gebruikte microfoons: 2 maal omni.

Bij deze door professor Jorg Jecklin bedachte methode worden 2 evenwijdig opgestelde mics gebruikt met een gedempte schijf verticaal ertussen. De schijf is origineel 35 cm doormeter en de afstand tussen de mics 36 cm. Er bestaan nogal wat varianten. De stereo scheiding is door de schijf hoger, maar sommigen vinden de ruimtelijkheid dan weer wat minder. OSS staat voor "Optimum Stereo System".

Schneider schijf

Gebruikte microfoons: 2 maal omni.

De Schneider schijf is een variant van de Jecklin schijf. In plaats van een volledig vlakke schijf, heeft deze twee heuveltjes in ’t midden. Er bestaan enkele varianten van, die zelfs commercieel aangeboden worden. De fabrikanten zijn het echter niet eens welke vorm de heuveltjes horen te hebben: bolvormig of ellipsoïd. En ook over de grootte zijn ze ’t niet eens.

OSS4

Gebruikte microfoons: 2 maal omni en twee maal cardioid.

OSS4 is een Jecklin variant met 4 microfoons: er worden naast de twee omni’s nog twee naar achter gerichte cardioid mics gebruikt. Daarbij kan direct gemixt worden, of opgenomen op 4 sporen en achteraf gemixt. Dit is een eerder uitzonderlijke variant, gebruikt voor grote symfonie orkesten.

OSIS

Gebruikte microfoons: 2 maal omni en 1 cardioid.

Een in onbruik geraakte Jecklin disk variant met een derde cardioid microfoon in ’t midden. Doel was surround sound produceren.

Madson of Madsen Shadow?

Gebruikte microfoons: 2 maal achtvorm of 2 maal omni?

Dit is eerder een rariteit: twee omnidirectionele mics, zo dicht mogelijk bij mekaar met een schijf ertussen. De enige bekende referentie is een citaat van Roger Sherman, de President van Loft Recordings & Gothic Records, www.loft.cc. een uigever van kuko CD’s. En zelfs hij zou er van afgestapt zijn vanwege een gat in ’t midden van het stereobeeld.

OF:

2 maal achtvorm onder een hoek van 90 graden met een tussenruimte van 30 tot 50 cm, en een schijf ertussen? Deze referentie komt van de universiteit van Wenen (Universität für Musik und darstellende Kunst Wien, Institut für Elektroakustik), maar is niet recent.

Kuko Stereo

Kuko stereo staat voor "kunstkop stereo". Het is een poging nog een getrouwer stereobeeld te krijgen dan met de traditionele tijdsgebaseerde opname systemen. Er wordt al sinds 1933 af en aan mee geëxperimenteerd. Hiervoor kijkt men naar de vorm van het menselijk hoofd en gaat dit zo goed mogelijk nabootsen. Dit geeft een ongelooflijk natuurgetrouw stereo beeld, maar alleen bij weergave via een hoofdtelefoon. Dit maakt deze opname techniek tot een buitenbeentje. Er zijn een groot aantal liefhebbers die erbij zweren, maar in de professionele sector wordt het niet veel gebruikt.

Kunstkop Stereo

Gebruikte microfoons: 2 maal omni.

Bij Kunstkop Stereo wordt gebruikt gemaakt van een model van een menselijk hoofd. In de oren zijn dan 2 omni mics geplaatst. Sennheiser maakte een kunsthoofd en een koptelefoon-microfoon, de Sennheiser MKE-2002. Voor het kunsthoofd worden op eBay soms gekke prijzen betaald...

Schoeps kogel

Gebruikte microfoons: 2 maal omni.

Twee mirofoons, 180 graden uit mekaar, ingebouwd in een bol, met een tussenruimte van 20 cm. Wordt ook wel eens "Thiele bol" genoemd. Zeldzaam en duur.

Intensiteit Stereo technieken

Hierbij wordt het stereo effect bepaald door intensiteitsverschillen. Dit is minder natuurlijk, omdat onze hersenen gevoeliger zijn voor looptijdverschillen als het op plaatsbepaling aankomt. We worden er met name sneller moe van. Maar voor nabewerking hebben deze methodes dan weer meerwaarde, zoals goede mono compatibiliteit, wat voor radio en TV zeer belangrijk is.

XY

Gebruikte microfoons: 2 maal cardioid, super cadioid of achtvorm.

Bij XY-stereo worden twee microfoons in een hoek van 90° geplaatst. De capsules staan net onder of naast elkaar, verticaal in hetzelfde punt. Vermits het een zeer compacte opstelling is, vind je ze vaak op handheld recorders.

XY stereo {GIF}

MS

Gebruikte microfoons: 1 achtvorm, en 1 cardioid of omni. In de TV- en filmsector zet men soms naast de mid mic ook nog een shotgun om stemmen naar voor te halen en te voorkomen dat ongewenst omgevingsgeluid de opname verstoort.

Bij mid-side techniek wordt het signaal van een front-mic (de mid) gecombineerd met dat van een erboven of eronder geplaatste figure-of-8-mic (de side ), in een hoek van 90° ten opzichte van de front-mic. De mid mag om het even welke karakteristiek hebben, de side moet figure-of-8 zijn. Bijzonder is dat het signaal van de side-mic gekopieerd wordt naar een ander spoor, waarvan de fase wordt omgedraaid. Die twee tegengestelde sporen worden uit elkaar gepand. De combinatie van deze twee signalen met het signaal van de mid-microfoon geeft het stereobeeld. Groot voordeel van deze techniek is de 100% mono-compatibiliteit.

MS stereo 3-kanaals setup {JPEG}

Faulkner & Blumlein

Deze methode werd in de jaren dertig door Alan Blumlein voor EMI ontwikkeld en meteen gepatenteerd voor muziek, film en zelfs als surround weergave. Dat zorgde er meteen voor dat het nog tot de jaren vijftig geduurd heeft eer het systeem breed ingang vond.

Gebruikte microfoons: 2 maal achtvorm.

Blumlein-stereo plaatst twee figure-of-8-mics boven elkaar, de capsules naar elkaar toe gericht. De ene microfoon staat 90° gedraaid tegenover de andere. De microfoons staan in verhouding tot de bron op + en - 45°.

Blumlein wordt als opstelling ook vandaag nog gebruikt voor klassieke muziek, vooral voor koor- en orgelopnames.

Blumlein stereo {PNG}

Decca Tree

Gebruikte microfoons: origineel 3 omni’s, maar later ook wel 2 maal achtvorm en 1 maal cardioid.

De afstand tussen de mics is zo’n 2 meter in de breedte en 1,5 m in de diepte, maar durft ook wel eens variëren. De twee achterste mics worden 100% links en rechts gepand en de middelste mic wordt bij beide signalen gelijk bij gemixt. De opstelling wordt altijd heel hoog geplaatst, typisch net achter de conducteur.

Deze opname methode uit de vijftiger jaren, ontwikkeld bij platenhuis Decca Records vnl. voor klassiek, is zo goed als volledig in onbruik geraakt.

GIF

Meerkanaalssystemen

Quadrofonie

Surround

Afbeeldingen op deze pagina afkomstig van Wikimedia commons.

Dit artikel beantwoorden

SPIP | | Overzicht van de site | De activiteit van de site opvolgen RSS 2.0